#22 Als de eerste schapen over de dam zijn …

Ze hoefden er helemaal niet over na te denken. Dit zou hun plek worden. Ze zaten daar aan de picknicktafel aan het Geersepad met het prachtige vergezicht over de zonovergoten groene weilanden met het rood- en zwartbonte vee. De licht wuivende takken van de wilgenbomen, het zachte geritsel van de bladeren en de roep van de hoog vliegende buizerd voelden als een welkom. Het bruggetje over de Wetering, zo smal dat voetgangers nauwelijks elkaar kunnen passeren. En als je dat dan overging … Ja, ze wisten het zeker, dan was je bij hun huis. Nu was het nog niet zo ver, maar dit moest het worden.

Berend Oosterhoff en Kirsten Alberts wonen, nu ruim twee en een half jaar later, in dat huis aan de Wetering, langs het Geersepad. Het ziet er zo knus uit met dat kleine bruggetje over de sloot, dat naar de voordeur leidt, die overigens nooit geopend wordt. Mensen gaan achterom, waar ze worden binnengelaten in een ruime hal. De woonkamer en woonkeuken zijn modern en gezellig ingericht, veel groter dan je van buiten zou verwachten.

“Hoe komen die mensen met de auto bij hun huis?”, horen Kirsten en Berend vaker dan eens voorbijrijdende fietsers zich afvragen, die intussen alle moeite moeten doen om het bruggetje veilig over te steken. En met deze vraag in hun hoofd fietsen ze verder, want de inrit op het punt waar het fietspad smaller wordt, was hen niet opgevallen.

Het is maar wat fijn, dat dat bruggetje zo smal is. Het grotere en snellere sluipverkeer is daardoor taboe. Maar niet iedereen durft er zo maar overheen te fietsen. Dan stappen ze af en nemen dan vaak de tijd om even om zich heen te kijken en van het prachtige uitzicht en de natuur te genieten. Als Kirsten en Berend er dan net aan komen lopen, ontstaat er altijd wel een leuk gesprek.

Vaak vertelt het stel daarbij hoe ze zich vanaf de eerste dag hier thuis voelen, aangetrokken door het buitenleven en de rust. Daarbij komt het bijzondere gevoel dat bijna niet uit te leggen is: te mogen wonen in het prachtige dorp Nijbroek. Zijn het de mensen, is het de historie of het landschap, of dit alles samen? En  kippenvel krijgen als nieuwkomer op de avond van Plaatselijk Belang om het volkslied van Nijbroek mee te zingen. “Wat een mooi moment was dat”, zegt Berend.

Hun beide vaders vroegen zich eerst wel af, waaraan ze begonnen door een huis dat zo buitenaf staat te kopen. Maar ook zij hebben ingezien, dat dit een heel goede beslissing was. Als ze er nu zijn, genieten ze er net zo veel van (en vanzelfsprekend hun moeders ook) en allen helpen met heel veel plezier regelmatig mee. Want er is heel wat te doen. Hobbyboeren in spé.

Het begon allemaal anderhalf jaar geleden. Een collega vroeg aan Kirsten of zij wegensomstandigheden voor een half jaar drie schapen kon opvangen. Ja, leuk, maar schapen houden, hoe doe je dat? De schapen, die ze kregen, bleken erg wild en schuw te zijn en schrokken van alles. Een spoedcursus was vereist. Gelukkig hebben ze geweldige buren, die de nodige kennis en ervaring over het houden van dieren in huis hebben, altijd bereid om henmet raad en daad bij te staan. Nu zijn de schapen allang aan hun verzorgers gewend. Gelammerd hebben ze ook, helaas werd het eerste lam doodgeboren, maar het tweede zorgde er wel voor dat er beschuit met muisjes op tafel kwam. Er werd nog een lammetje bijgekocht en inmiddels bestaat de kudde uit 9 ouessanten, het kleinste schapenras ter wereld.

Daarbij passen heel mooi de twee Göttinger varkens, die ze als biggetjes in de lente van dit jaar kregen. Dit mini-varken is heel erg rustig. Deze kleine veestapel wordt nog eens extra opgevrolijkt door een paar kippen en een haan.

Dan is er nog een huisgenoot, Juun. Juun is hun zesjarige hond, een kruising tussen een teckel en een jack russell. Kirsten had zich over hem ontfermd nadat hij als puppy bij haar werkgever was gedumpt. Daar heeft hij echt niets van overgehouden, want Juun is voor niets of niemand bang. Dat zou je niet verwachten als je hem zo rustig in de huiskamer in zijn mand ziet liggen, maar ze moeten hem echt in de gaten houden. Hij had al een keer een kip van de buren te pakken, zijn bek vol veren. Behalve Juun zelf was hier niemand blij mee, zeker de kip niet want die moest worden afgemaakt. Ze vonden het heel vervelend. Gelukkig werd de buurman niet boos. Helemaal gewend aan het buitenleven had hij alle begrip en reageerde met een “och zoiets kan gebeuren”.

Het huis, de grond erom, de dieren. Er blijft naast hun drukke banen weinig tijd over voor andere dingen. Al is er een hobby die ze allebei geweldig vinden: motorrijden. Beiden hebben een motor en ze maken ook deel uit van de Motorclub Nijbroek. Berend helpt mee met het uitzetten en organiseren van de jaarlijkse rit. In 2020 wordt die voor de tiende keer gereden. Met zo’n 30 motoren wordt een traject van ca. 200 km afgelegd. De dag sluiten ze altijd af met een barbecue bij het Dorpshuis. Dat er op zondagmorgen wordt gestart, terwijl anderen naar de kerk gaan, vindt Berend wel heel speciaal. Ook dit laat zien, dat men hier elkaar accepteert en respecteert.

Berend en Kirsten zijn trots op hun mooie moestuin. Nu nog wat fruitbomen en een bloemenveld aanleggen om insecten aan te trekken. Ook denken zij er over om hun letterlijk en figuurlijk kleine veestapel met een paar ezeltjes uit te breiden. 

Met af en toe wat vrijwilligerswerk hebben ze al helemaal hun draai binnen het dorp gevonden. Op de informatieavonden in het Dorpshuis van de werkgroepen die zich binnen de Polder Nijbroek bezighouden met het wonen, de biodiversiteit en de recreatie zijn ze steevast te vinden. “Maar”, bijna verontschuldigend, “het huis, de tuin en de weilandjes vragen naast de drukke banen die wij hebben veel tijd. Als we wat meer tot rust gekomen zijn, zullen wij ons zeker bij een van die groepen aansluiten.”

In Nijbroek, en met name in hun huis bij het bruggetje over de Wetering, hebben Berend en Kirsten hun stekje gevonden. Hun gevoel van die zonnige middag op het bankje bij de picknicktafel is niet weggegaan. Wat voor weer het ook is, telkens als ze thuis komen, schijnt de zon en voelt het als de mooiste vakantie.

Dit is het tweeentwintigste verhaal in de reeks Nijbroekers in beeld, geschreven door Herman van den Nieuwendijk. Herman is onderdeel van de werkgroep Polder Nijbroek en woont aan de Dijkhuizenweg.